Met de Cracks Wolvertem langs de Brabantse kouter

Geschreven door op 29-01-2017

Met de Cracks Wolvertem langs de Brabantse kouter

Geprangd tegen de voorgevel van onze hoofdstad Brussel, weten de Cracks Wolvertem steevast een groen ingekaderde wandeling langs de Brabantse kouters te organiseren. Met deze winterwandeling die vandaag ingepland stond zou het ongetwijfeld niet anders zijn, dus richting Basisschool ‘de Zonnebloem’ van waaruit de vereniging haar eerste organisatie van het nieuwe jaar opnam.

De zonnebloem deed zowaar ook haar naam alle eer aan, weliswaar schrille temperaturen maar een schitterende open blauwe hemel beloofde een aangename wandeldag. Dus op voor de langste afstand 22 km in het wintergroen van Wolvertem en het omliggende hinterland. We volgen een pad langs de Meanderende molenbeek langs de oude pastorie die omgevormd is tot rusthuis. Mej Van Horick stelde in haar testament Wolvertem aan als erfgenaam, op voorwaarde dat de gemeente met dit geld een godshuis zou oprichten voor wezen, ouderlingen en gehandicapten die in armoede leefden. Het geld werd gebruikt om deze oude pastorie te kopen. Vandaag is het godshuis uitgegroeid tot een rustoord, serviceflats en dienstencentrum. We lopen verder wat tussen de bebouwing, kwestie het dorp te verlaten. Waarna een lang stuk hobbelige kasseiweg a la Paris-Roubaix waardig ons verder mee neemt. Veldwegen brengen ons langs de rand van het foeksenbos en sturen ons verder in de richting van Oppem. Door het centrum langs het nagel witte Sint-Stephanus kerkje. Dit kerkje heeft de eerste martelaar Stefanus als patroon, die door steniging om het leven kwam en o.m. werd aangeroepen tegen steenpuisten en nierstenen. Het gebouw staat op een heuveltje. Het kerkhof ligt nog rond de kerk.

           

Recent werden resten van de 14 eeuwse houten toren terug gevonden. Verlaten het pittoreske dorpje en worden terug de velden in gestuurd, door een omgeploegde akker , naar landelijke wegen die ons in de richting van Meise sturen naar de rust in het cultuurhuis. Een huisstede van den heer pastoor met vijverken daaraan gelegen, zonder straat,. Deze omschrijving dateert van 1717. De pastorie werd al snel uitgebreid, zodat de woonruimte haast verdubbelde. Ruim 250 jaar later werd dit gebouw in gebruik genomen voor de gemeente diensten en vandaag is het ‘cultuurhuis’ de huisstede van vele culturele activiteiten. Hierna maken we een lus van, 9,4 km, door het centrum, langs de nationale plantentuin en hebben een prachtig zicht op de talrijke serres. De plantentuin van Meise is een van de grootste plantentuinen ter wereld en is vandaag 95 ha groot en herbergt 18000 soorten planten. Midden in het domein bevindt zich het kasteel Boechout dat in de 19de eeuw werd opgetrokken. Tijdens de ‘Groote Oorlog ‘ was de plantentuin nog in Brussel gelegen. Toen woonde Keizerin Charlotte van Mexico, de zus van Koning Leopold II, nog in het kasteel van Boechout De kruidtuinlaan stuurt ons in de richting van Boechout een deelgemeente van Wemmel, door een villa wijk, waarna een kasseiweg ons verder mee neemt en ons naar het gehucht Amelgem stuurt. Het gehucht ontstond uit een abdijdomein. Amelgem behield door de eeuwen zijn oorspronkelijke eenheid en structuur, rond een kapel en twee belangrijke hoeves. In de loop van de 12de en de 13de eeuw werd het domein eigendom van de Grimbergse Nortertijnen. De kapel van Amelgem was tot 1287 een zelfstandige parochiekerk. Het gebied van Amelgem tot Ossel heeft een grotendeels ongerept landelijk karakter en contrasten tussen open kouters en diep ingesneden colluviale dalen van de Molenbeek.

            

Sinds 2003 vormt het gehucht een beschermd landschap. De twee hoeves en de kapel zijn ook als monument beschermd. Lopen veder tussen de kouters en komen voorbij de duivelsschuur. Er is een welbekende sage van de duivelsschuur. De plaatselijke pachter Jan van Bever had onvoldoende schuurruimte om de oogst in op te bergen. Omdat de schuur er heel vlug moest komen sloot hij een pacht met de duivel. De duivel zou in één nacht en voor het kraaien van de haan de schuur bouwen en in ruil zou hij de ziel van de boer krijgen. Maar de boerin was de duivel te slim af en juist voor het ochtendgloren maakte ze licht in het kippenhok zodat de haan begon te kraaien. De schuur was niet af binnen de afgesproken tijd zodat de boer zijn nieuwe schuur kreeg en toch zijn ziel behield. Deze duivelsschuur uit 1636 staat er trouwens nog altijd en behoort bij de hoeve Groot-Amelgem. Er is nog altijd een gat in de muur, juist onder het dak. Het dicht metselen helpt niet, want de stenen vallen er na een tijdje terug uit.

Een lange dreef neent ons verder op sleeptouw  en stuurt ons in de richting van Ossel genietend van het prachtige landschap . De kasteelweg een aardewegen stuurt ons naar omhoog naar de zendmasten en het foeksenbos. We lopen zowaar op een hoogte, waarbij we aan de einder een schitterend zicht hebben op de Brusselse  skyline, we lopen door een open vlakte en landelijke wegen brengen ons terug naar de rust in Meise. Daarna maken we ons op voor het laatste gedeelte, terug even door het centrum lang de voormalige woning burgemeester Puttemans, hij baatte er de brouwerij ‘Saint)Martin’ uit. De meesten herinneren zich het gebouw beter als het latere ‘kursaal’, een staminee met een prachtige danszaal. Waarna we het d’Hoogvorstwandelpad volgen. Dit wandelpad werd genoemd naar baron Vanderlinden-d’Hoogvorst die in 1831 deel uitmaakte van het bewind en die burgemeester van Meise was. Een lange aardewegel tussen de kale velden brengt ons terug tussen de bebouwing. Enkele smalle doorsteekjes brengen ons door een nieuwe verkaveling en langs het gemeentehuis  gaat het terug  naar de startplaats. Waar we kunnen genieten van een natje en een droogje om een verrassende mooie tocht midden de Brabantse kouters af te sluiten.

Verslag: Ides Codde 
Fotoreportage (Ides Codde) 

ONZE
PARTNERS

Webdesign by digicreate
/nieuws/bericht/6900