Boswandeling in Koersel

Geschreven door op 05-10-2017

Boswandeling in Koersel

De laatste dag van ons rondtoeren door de Limburg gaan we naar Koersel voor deelname aan de herfstwandeling en organisatie van Wzv De Mijnlamp Beringen-mijn. Koersel is een deelgemeente van Beringen. De oudste vermelding van Koersel stamt uit 1166 als Corcela. De naam zou afkomstig kunnen zijn van het Gallo-Romeinse woord; Curticella, een samenvoeging van Curtis (hofstede) en cella (woning).

We starten vanuit ’t Lokaaltje, en na het bekijken van de parcours stellen we vast dat het twee lussen zijn van tien kilometer. We gaan van start voor de eerste lus. Het is nog vrij donker en we lopen wat tussen de bebouwing waarna een aardewegel ons aan de Koersele heide afzet die we induiken voor enkele kilometers wandelplezier allemaal over slingerende wegen. Het volledige wandelparcours loopt door de heide, het wordt draaien en keren door de omgeving langs een militair domein. Het werd een prachtige bosomloop en we konden genieten van al de pracht dat ons onder de voeten werd geschoven.  Een asfaltwegje brengt ons terug naar ’t Lokaaltje. Na het nuttigen van een koffietje beginnen we aan de volgende lus van tien kilometer.  Een bosdoorsteekje brengt ons op landelijke wegen, nu is het ondertussen beginnen regen. Waarna we de Koerselse heide terug gaan opzoeken voor een volgende bosdoorsteekje.

        

We verlaten het bos en de Koekoekstraat neemt ons verder mee. Wat verder komen we langs de kapel het fonteintje. In de lente van het jaar 1826 bevindt Jan Nicolaes Swartebrouck zich hier midden in de hogerheide, als hij plotseling overvallen wordt door hevige buikkrampen. Vlakbij is een bron hij drinkt van het water en hij geneest. Uit dankbaarheid voor deze wonderbaarlijke genezing plant hij op 5 mei 1826 op dezelde plaats een staak met een eigenhand uitgesneden O.-L.-Vrouwbeeld. Uit Koersel komen weldra de eerste dorpelingen hulp afsmeken bij O.-L.-Vrouw. De pokken en de rode loop teisteren het dorp. Langzaam kwam er een echte volkstoeloop op gang, een nieuw Maria-oord ontstaat. De bedevaarders offeren er geld en sieraden. Swartebrouck bouwt in 1827 een plaggenhut en plaatst de staak met het beeld en de offerblok erin. In 1833 wordt een eerste kleine kapel gebouwd. Ze doet dienst als noodkerk van oktober tot december 1834, toen de Brigadakerk van Koersel door brand werd vernield. Onder leiding van Karel Gesseler uit Maaseik kreeg ze in 1939 haar huidige grootte. Het Mariapark werd in 1910-1911 aangelegd met taferelen van de zeven smarten van O.-L.-Vrouw en een calvarieberg in 1953 werd het park vernieuwd en komen rotsachtige constructie, een altaar en een christusgraf. De bron werd verplaatst en de calvarieberg werd verhoogd.

       

Landelijk lopen we verder en komen langs bezoekcentrum de’ Watersnip.’ Waarna we het mooie beekdallandschap van de zwarte beek ons volgende ding wordt. De beekvallei is één van de meest waardevolle van Vlaanderen door het afwisselend landschap met meer dan 1500 hectaren natuur. Een typische beekvallei is open en nat en je hebt er prachtige vergezichten. Het blijft maar regenen en diep verscholen onder de paraplu lopen we verder door de vallei. Enkele landelijke wegen brengen ons tot slot naar de startplaats. En zo komen we aan het einde van een prachtige wandeling door een bosrijke omgeving.

Verslag: Ides Codde
Fotoreportage (Ides Codde)
Fotoreportage (Willy Palmkoeck)

ONZE
PARTNERS

Webdesign by digicreate