|
Diksmuide was afgelopen zondag het decor van een heuse Brandweertocht. Een vruchtbare samenwerking weliswaar tussen de Diksmuidse wandelclub en de plaatselijke brandweer die reeds voor de achtste maal vanuit de brandweerkazerne plaatsvond. Een winterse wandeling doorheen het vlakke polderlandschap en de ijzervallei stond vooropgesteld, met het heerlijk wandelweer meteen een lucratieve zondagswandeling alwaar 1230 gegadigden op afkwamen. 
Vooralsnog moesten we het bij de start heel eventjes stellen met een inloopstukje langs de plaatselijke industriezone en een sociale woonwijk, waarbij de gekende 86meters hoge Ijzertoren reeds van ver ons zicht domineerde.
We konden ons dan ook maar moeilijk voorstellen dat hier op 10 november 1914 , Diksmuide volledig met de grond gelijk werd gemaakt en ondanks de felle tegenstand van Bretoense mariniers , een drietal Belgische en een viertal Senegaleese compagnies : de stad toch in handen viel van onze toenmalige vijand Duitsland. Ondertussen is Diksmuide in 1922 heropgebouwd , en met zijn typische Vlaamse trapgevelstijl speelt de gezellige grote markt met het plezierige standbeeldje ' Manneke uit de Mane ' best een uitgelezen mogelijkheid tot een toeristisch bezoek.  Maar zover waren we nog niet, want na een gratis warm wijntje ter hoogte van het ijzermonument en de pittoreske kleine jachthaven Portus Dixmuda werden we een tijdlang de vredevolle Ijzerdijk opgestuurd. Geruime tijd zou het kale land van de ijzervlakte en het landelijke Beerst-Blote onze metgezel gaan vormen. Tijdens de ' Grooten Oorlog ' werd dit gebied volledig blank gezet en vandaag de dag gebeurt het nog vaak dat bij wateroverlast , de streek als overstromingsgebied wordt beschouwd. We bevinden ons ondertussen al geruime tijd in de nabijheid van de Dodengang , een gebied alwaar geallieerden en de Duitse vijand op amper enkele meters van elkaar een hevige strijd bevochten tijdens de 1ste Wereldoorlog. Wanneer een smeuïg brokkenpad deeluitmakend van de provinciale Wandrilleroute, ons alover een bonte lappendeken van weilanden, akkers , sloten en grachten stuurt blijven steevast de contouren van de historische boterstad als een rode draad door ons wandelverhaal lopen. En juist die richting gaat het uit, kwestie van een centrale rust op te zoeken. Een tijdlang blijven we nu steevast aan de Diksmuidse binnenstad hangen, vooreerst nog met een groene doortrek van het stadspark, wat later kriskras doorheen de Korea-wijk alwaar ons door de brandweer een lekker warm pompoensoepje wordt aangeboden. De historische stadskern met de grote markt, het manneke uit de mane en de idyllische rondgang langs de grote en kleine dijk blijft zowaar uit. Waarna we ons tevreden stallen met de stationsbuurt en gemoedelijk langs enkele obligate fabrieksgebouwen terug de gezelligheid opzoeken van de Diksmuidse brandweerkazerne. De ‘pompiers’ en de Diksmuidse wandelclub zijn werkelijk op alles voorzien en weten wandelaars best te bekoren. Croque monsieur, verse pannenkoeken en een heerlijk fris getapt Sint-Bernadusbier gaan er zo van de hand. Meteen de ideale afsluiter van deze winterse wandeling langsheen het vlakke Blote polderlandschap. MEER FOTO's >>> |