|
Zowat halfweg tussen grootsteden Brussel en Antwerpen ligt Mechelen , kardinaalsstad , stad van vele musea en historische monumenten. Minder gekend is dat Mechelen midden een aantal mooie natuurgebieden ligt en dat gaan wij vandaag ontdekken met de Tivolitocht van wandelclub Opsinjoorke .Vanuit het PITO ofte Tuinbouwschool is een tocht van 34km uitgetekend. Vakkundig worden wij naar de heel ruime parking van de firma Power Systems geleid, handig gelegen bijna naast de start. Na een gezellige babbel met parkoersmeester en voorzitter kan ik er tegenaan . 
Bijna in de schaduw van de imposante Sint-Romboutskathedraal draai ik de Antwerpse Steenweg op, dreun die af tot de Ringweg, erover nog een stukje verder tot grondgebied Sint-Katelijne Waver waar een asfaltwegje ons de grootste groentetuin van het land in stuurt. Paadjes tussen serres en landerijen die er nu nog winters bijliggen, maar waar de boer toch al zijn aspergevelden aan het klaar leggen is, zetten ons uiteindelijk af is een bosje. De brede vijver rond het Fort van Walem verschijnt al gauw. Een pad tussen lage bosjes draait er helemaal rond tot wij bij de watertoren de weg dwarsen en een hobbelig kasseitje vinden. Door een mooie eikendreef lopen wij tot het Emmauskasteel, slaan bij het kapelletje rechtsaf om wat verder het natuurgebied van de Spildoorn te bereiken. Op een graswegje stappen wij langs de kleine vijver, een voormalige zandwinningput. Heel wat waterwild hier , stormmeeuwen met vakantie, eenden en waterhoentjes , enkele fuuten en een koppel sierlijke zwanen die van dichtbij wandelaars spotten. Bij het brugje onder de E19 draaien wij de autoweg de rug toe en stevenen door stukjes wilde natuur van de Battenbroekse Polder op Walem af. Achter het pittoreske Romaanse kerkje ligt de Parochiezaal waar wij 6,4km afgelegd hebben.  Wij lopen even Walem door om voorbij de Blankaartvijver het domein Roosendaal te bereiken. Eeuwenoud samenspel van natuur, landschapsarchitectuur en bouwkunst maken van dit domein een fascinerend gebied. Vooreerst natuur met eeuwenoude bomen die zich in de vele grachtjes spiegelen, dan geschiedenis met de resten van de cisterciënzerinnenabdij die hier 800 jaar geleden werd opgericht, het Pesthuis , het Koetshuis , de IJskelder. Door het prachtige Poorthuis komen wij er uit, lopen een dreef door, pikken een ietsepietsie van het natuurgebied Mosterdpot mee en klauteren dan de berm op om zo op het jaagpad langs de Nete te komen. Neus in de wind stomen wij op Walem af, slaan even een oogje op wat aalscholvers die hier duikertje aan het spelen zijn, komen heel even het dorp in om de brug over de rivier te dwarsen en vervolgen dan op de andere oever. Waar een reiger aan het pootje baden is tussen hoge rietpluimen verlaten wij de waterkant om paadjes tussen de lage bosjes van het natuurgebied Oude Nete arm te verkennen. Redelijk vlug zijn wij er uit en lopen op een aanleunend asfaltwegje tot Rumst. Het dorp helemaal door en wat later bereiken wij de kantine bij de visvijver waar er nu 13,1km op de teller staan.  Door een park komen wij terug op de dijken en bij de helblauwe bruggen van het Drie Rivierenpunt.Waar Nete en Dijle de Rupel vormen komen wij twee bruggetjes over, dan de dijk op tot het Zennegat, punt waar de Zenne de Dijle in stroomt , dan verder , tussen Dijle en de Battenbroekse vijver tot wij de dijk afduiken om de vijver helemaal te ronden. Een valk hangt in bidhouding boven een rietveldje, maar wordt aangevallen door een kraai. Er ontspint zich een heus luchtgevecht tot een tweede kraai versterking biedt en de valk er vandoor gaat. Wandelen geeft je de kans zo’n zeldzaam mooie momenten te beleven. Over een mospaadje, waar je steeds maar opveert laten wij de vijver achter ons, lopen het brugje onder de autoweg door en vervoegen het parkoers van de eerste lus om zo na 20,7 km terug Walem te bereiken .  Wij gaan nogmaals van het domein Roosendaal genieten, voor mij niet gelaten, even nog wat bos, de weg over om over de oude spoorwegbedding richting Elzenstraat te trekken. Bezijden het dorp dwarsen wij de weg naar Lier, bekijken even de kerk met zijn vele torentjes en duiken dan terug de natuur in. Door de bosjes van Kauwendael bereiken wij een villawijk , wat verder het bordje Mechelen , het eerste flatgebouw , nog een riante villawijk en dan het Tivolipark in. Via de kinderspeeltuin, het neerhof en de kinderboerderij komt het Tivolikasteel, nu een hip restaurant, er aan .Wij draaien er rond, nog wat brugjes en paadjes en wij staan langs de steenweg waar wij deze morgen gestart zijn. Aan de overkant het PITO waar wij 26km afgelegd hebben.  Om onze tocht rond te maken volgt nog een lokale lus van 7,9 km. Eerst een rechthoekje in de straten rond het PITO om dicht bij de Sint-Romboutskathedraal de weg te dwarsen. Door een stadskanker, een verlaten wijk met dichtgetimmerde ramen en deuren , lopen wij tot de Lierse Steenweg, erover om de loop van de Vrouwvliet te volgen , een riviertje dat wat verder in Mechelen uitmondt in de Dijle. Wanneer de kerk van de wijk Goede Herder er aan komt verlaten wij de waterkant en lopen de stadsmagazijnen voorbij. Hier maakt de langste afstand een bijkomende lus op een uitkant van Sint-Katelijne Waver. Slecht zal het ons bekomen want er wacht een onaangename verrassing .Villawijkjes, een moerasbosje, een graspaadje om bij het spoorwegknooppunt de kleinere afstanden te vervoegen. Het spoor over en onder , nog wat bosparkoers en een villawijk waar ik precies voordien nog was. Dit is een stuk van de vorige lus, maar nog een heel eind tot het einde. Uiteindelijk zal deze lus eventjes 12km lang worden, zodat je opeens aan een kleine marathon bezig bent . Parkoers idem dito als daarstraks , door het Tivolipark tjok ik terug naar het PITO .  De Groentestreek , de charme en het ritme van het water midden de schitterende natuurgebieden van het Scheldeland , geschiedenis en patrimonium, alles erop en eraan , bij één van de beste wandelingen die ik ooit maakte. Alleen die laatste lus was toch wat van het goede te veel . Geniet mee van enkele fotoreportages : |