|
Al maandenlang kijk ik er naar uit, de 55 km van Francorchamps naar Mortier georganiseerd door wandelclub Mortier C’est le Pied ter gelegenheid van hun 10 jarig bestaan. In het holst van de nacht Brussel uit om rond de klok van 5h30 in Mortier aan te komen. Ze staan er bijna allemaal, alle dwangarbeiders van de lange afstand, klaar om de challenge aan te gaan. Rond 6 uur zetten 4 bussen met 252 wandelaars aan boord zich in beweging om een klein uurtje later bij het autocircuit van Francorchamps aan te komen. Van hieruit wordt vertrokken.
De start alleen al is mythisch, van boven het circuit dalen wij af, lopen door de paddocks , de startgrit voorbij en dan stuiven wij de Raidillon op aan … 5km per uur. Boven komen wij door een hekje het circuit uit, een bosje en een eerste helling van zo’n 10% af. De toon is gezet. Beneden nemen wij de richting Ster op een lang verraderlijk vals plat asfaltwegje. Door de bossen naderen wij het dorp, maar eerst volgt nog een lusje door de weiden alvorens het piepkleine dorpje te doorlopen en langs het riviertje de Hockai tot de Ravel wandelweg te stappen. Op de oude spoorbedding Pepinster-Stavelot gaat het in snel tempo naar Hockai waar onder een brugje bij een tafeltje een eerste controle wacht na 7,7km.  Nog even het wandelpad en dan volgen paadjes door de bossen waar nu en dan een klaterend bergbeekje overgewipt wordt. Door een donker dennenbos komen wij de autoweg E42 onderdoor, volgen wat veldwegjes, terug tussen het groen om onder een enorme douglasspar af te dalen tot het riviertje de Hoegne. Wat volgt moet je eigenlijk zelf gaan beleven , zo’n 15km langs het mooiste wat ons land te bieden heeft . Vanaf de Passerelle du Centenaire volgen wij op een bospaadje een wilde ontembare waterloop die zich een weg baant tussen de rotsen. Het parkoers is niet van de poes, veel tussen uitstekende boomwortels, rotspaadjes, trapje op en af, brugje over bij de Leopold II watervallen, de Eeuwfeestbrug, even wat soelaas met plankenwegjes, klimmen en dalen tot het parkoers wat milder wordt voorbij de Passerelle Michel Thorez. Voorbij de ruines van de oude mijn Thorez wandelen wij door het bos Roslin tot enkele huizen bij Solwaster. Twee auto’s doen hier dienst als 2de controlepost na 14km.  Onmiddellijk terug het bos in waar wij wat lager de Hoegne terugvinden die nu heel wat kalmer stroomt. Steeds langs het water door het bos van Rassonster bereiken wij het onooglijke gehucht Royompré. Op een asfaltwegje stomen wij door tot Surister, dwarsen de weg naar Spa, lopen door een camping om zo in het bos van Tiège te komen. Prachtige beukendreven, door donkere sparrenbossen tot Neumarteau, enkele hoeves, niets meer. Van hieruit gaan wij zakken tot Polleur waar in het lokale schooltje 21,8kmop de teller staan .  In een “folle farandole“ gaat het eerst recht op de kerk met zijn scheve gekartelde kerktoren af. De straat uit en dan is het klimmen geblazen en nog geen klein beetje . Door de weiden tot onder de autoweg; daar denk je dat je het ergste gehad hebt, maar niets is minder waar, het blijft nog een hele poos oplopen. Eindelijk boven, onder ons een lieflijk dorp. Langs veldpaadjes dalen wij tot bezijden Oneux, dwarsen de weg naar Verviers en worden nogmaals door een woud opgeslokt. Er wordt even diep gedaald over boswegjes, lopen langs de bosrand en krijgen opnieuw een kuitenbijter van jewelste geserveerd. Boven op het plateau bemerken wij aan de einder Battice en diep beneden Verviers. Wat verder controle 4 na 29,2km bij Les Fermes de Maison Bois, een ensemble van huizen en boerenhoven tegen elkaar aangebouwd .  Onder de imposante toegangspoort komen wij er uit, dalen om kort het Bois du Renard te doorkruisen om in het Hameau du Bois even tussen de huizen te komen. Het Trou du Renard bij Ensival, een echte muur die wij in ijltempo afdalen, maar vlug is het alles natuur wat de klok slaat. Een panoramawegje bezijden een bos biedt mooie uitzichten op Pepinster. Wij wringen ons tussen twee paaltjes ( XXL lukt hier niet ) om via een graswegje naar de vallei van de Vesder af te dalen. Pepinster wordt doorlopen, en dan opeens tussen de huizen trapjes op. Hoger een paadje tussen lage bosjes, heel steil oplopend. Puffend en blazend komen wij op het plateau tussen de weiden en volgen een paadje dat ons in Wegnez afzet. Even door het dorp waar de haan van de kerktoren verdwenen is en dan tot het Centre Ozanam waar er 34,8km afgelegd zijn . Een kilometertje flaneren wij langs de weg, dan wat veldwegjes tot wij opeens beneden een puist staan die wij al een tijdje boven het landschap zagen uitsteken .De Fond de Fiérain is een verschrikkelijke bult waar je je moet ophijsen aan touwen. Boven gaat het in een bosje steeds wat op en af tot een snelle duik je in een prachtig smal valleitje brengt. Langs het riviertje de Fiérain komen wij in Lambermont waar wij een strook asfalt onder de sloffen geschoven krijgen. In Grand Rechain nog wat paadjes, door de hoofdstraat met zijn platanen en statige herenhuizen tot een garage bij een huis waar er 40,4km afgelegd zijn.  Grand Rechain ligt vlug achter ons en wij komen het Land van Herve in. Op sterk golvend terrein met prachtige vergezichten, paadjes en graswegjes, tot achter het viaduct van autoweg E40 Herve in zicht komt. Een korte afdaling brengt ons de stad in, achter een villaatje een garage voor controle hoeveel ??? Ik ben de tel kwijt geraakt maar 44,7km op het infoblad zegt mij wel dat het einde zo stilaan dichterbij komt. De stad wordt bijna helemaal overgeslagen. Eerst ronden wij de voetbalterreinen, over een voetgangersbrug tot ligne 38, de vroegere spoorbedding . Voorbij het voormalige station en dan nog even doortrekken om bezijden Bolland steeds op en af te wippen in een prachtig groen landschap. Boven op de Haut Tiège het prachtige Domaine du Vieux Couvent daterend uit 1733. Onder de gigantische toegangspoort komen wij midden een typisch Land van Herve landschap, hoogstamperelaars zover je kunt kijken. Jammer dat de bomen nog niet in bloei staan, want anders was dit een bloemensymfonie geweest. Rustige wegjes voeren naar de laatste controlepost na 51,3km op een hoeve in Hacboister .  Mortier ligt binnen handbereik, maar eerst gaan wij nog een ommetje maken richting Julémont. Eerst klimmen door de wei. Het begint te piepen en te kraken, maar nu moet het op de adrenaline en de wilskracht. Dalen tot het dorp, er even door, een paadje af en …een laatste kuitenbijter. Ik sleur mijn tegenstribbelend lijf tot boven en dan een laatste maal “dampf machen“ door de boomgaarden tot Mortier . Het is eerst wat uitblazen bij een pintje, maar dan komen de tongen los in een afgeladen, volle zaal Les Amis de la Jeunesse. Superlatieven zijn niet van de lucht en met recht en reden. Magisch mooie tocht, hard, met een lach en een traan die het mooiste van onze Ardennen en het Land van Herve in één wandeling samenbalde. Hier mogen ze voor velen een jaarlijks weerkerende klassieker van maken . Geniet mee van enkele enige sfeerbeelden : |