|
In 1835 liet koning Leopold 1 het legerkamp van Beverlo, tot nader orde nog steeds het grootste militaire kamp van België, bouwen op een heidevlakte van 4500 hectare. De oorspronkelijke bewoners werden verplicht te verhuizen naar een dambordverkaveling, getekend door ene Bourg. In het toen nog Franstalige Vlaanderen ontstond zo de naam Bourg Léopold, later vervlaamst naar het huidige Leopoldsburg. Het was trouwens dit legerkamp die voor een groot deel het decor van een magnifieke tocht zou vormen, getekend door de Leopold I stappers. 
Een lapje bos achter de startzaal bezorgde ons een leuk opwarmertje vooraleer we op weg gingen naar de spoorwegovergang. Aan de overkant van de ijzeren weg wachtte ons een prachtig bos, de Grootdonckheide. Het domeinbos ontstond in 1885 toen de nutteloze heidegronden bebost werden, aanvankelijk uitsluitend met naaldbomen. Geleidelijk werd het omgevormd tot een gemengd bos, met inlandse loofbomen. De heerlijke bospaden hielden ons lange tijd weg van de beschaving tot we na ettelijke kilometers een lapje asfalt vonden. Deze voerde ons naar de rand van het militaire domein waar we opnieuw zalige bosdreven voorgeschoteld kregen. Wat verder zochten we enkele betonbaantjes op die ons naar de eerste controle zouden voeren na 8 best te pruimen kilometers.  Door de bomen het bos niet meer zien, een perfecte weergave van de volgende lus. Meteen na de controle doken we een bos in die we het eerste anderhalf uur niet meer zouden verlaten. Bijwijlen zanderige boslaantjes slingerden zich heerlijk een weg tussen de vele naaldbomen. Een pijltje missen is een niet te nemen optie hier. Nu en dan zorgde een lap heide voor een open plek in het donkere sparrenbos. Heerlijk genieten, met als enige achtergrondmuziek onze eigen voetstappen en een overvliegend sportvliegtuigje. Uiteindelijk verlieten we het bos opnieuw om naar de controle te stappen. We trokken op hetzelfde elan verder, opnieuw het bos in om via zalige dreven in de richting van het eigenlijke militaire kamp te stappen. Betonbaantjes zorgden er nu voor wat meer afwisseling, al bleven de vele bospaadjes en dreven primeren. De pijltjes voerden ons tot aan de rand van de Schrikheide, een groot heidegebied in gebruik als schietstand, waarna we stilaan naar de derde rustpost afzwenkten. 
Hoog tijd om het 'militaire erfgoed' onder de loep te nemen. Te beginnen met de oude militaire beenhouwerij, die vanaf 1850 het vlees verwerkte en verdeelde tussen de verschillende kazernes en eenheden op kamp. Ernaast bevindt zich het oude militair station, via 115 km smalspoor verzorgde men de bevoorrading in het kamp en een snel transport van de troepen naar de oefen-en schietvelden. Opnieuw kregen we bospaden voorgeschoteld die ons dit keer afzetten bij het Tacambaro-monument, opgericht in 1867 ter nagedachtenis van de gesneuvelden tijdens de veldslagen in Mexico in 1864-1865. Recht over het monument stapten we door de Dreef der Zeven Zuchten. De dreef dankt zijn naam aan het feit dat de soldaten onder veel gezucht hier afscheid moesten nemen van hun liefje. Het boslaantje zette ons af in het koninklijk park, hier stond tot 1913 het koninklijk paleis, een royaal buitenverblijfje.
We vervolgden onze weg door het bos en bereikten het Leopoldsburg War Cemetery. Dit oorlogskerkhof werd aangelegd in 1948 (Ook al houdt het gemeentelijk infobordje het koppig op 1848!) voor zo'n 800 slachtoffers van de Gemenebest die sneuvelden tijdens WO II. We wandelden verder naar de rand van Leopoldsburg, waar zich de lokale legerleiding ophield in het Plaatscommando en het paviljoen van de commandant van de genie. Naast het Belgisch militaire kerkhof ging het terug het bos in om naar de spoorwegovergang te wandelen en de aankomst iets verder. Geniet mee van enkele sfeerbeelden : |